Autorijden

Om veilig te kunnen rijden, moeten mensen met diabetes in ieder geval regelmatig hun bloedsuikerspiegel controleren. Het is ook essentieel dat ze hypoglycemie voorkomen - vooral onbewuste hypoglycemie - om tijdens het rijden niet alleen hun eigen veiligheid maar ook die van de andere weggebruikers optimaal te beschermen. Het spreekt voor zich dat autorijden terwijl je een hypo hebt, risico's inhoudt.
Bestuurders met diabetes zijn over het algemeen niet vaker betrokken bij ongevallen dan andere bestuurders, zo blijkt uit de meeste studies. Er zijn echter voorbeelden bekend van ernstige ongevallen als gevolg van hypoglycemie. Volgens de DCCT-studie lag hypoglycemie mee aan de basis van 36% van alle verkeersongevallen waarbij de deelnemers tijdens de negen jaar durende studie betrokken waren geweest. In een Schotse studie schreef 25% van de deelnemers zijn verkeersongevallen toe aan hypoglycemie. In Groot-Brittannië bleek het in 16-17% van de gevallen waarbij een bestuurder achter het stuur het bewustzijn verloor, te gaan om een diabetespatiënt met hypoglycemie. Hoewel deze studies melding maken van een verhoogd risico op verkeersongevallen in een klein aantal gevallen, is de algemene conclusie dat de ongevallencijfers bij alle mensen met diabetes samen, niet hoger liggen dan bij de bestuurders zonder diabetes. Ter vergelijking: een rijverbod voor alle jonge mannelijke bestuurders zou doeltreffender zijn om de verkeersveiligheid te verhogen, maar dit zou als een volkomen onaanvaardbare beperking van de vrijheid van het individu worden beschouwd.
Je zou je bloedsuikerspiegel moeten controleren vóór je gaat autorijden en ligt die onder 4-5 mmol/l, dan moet je eerst wat eten. Ervaar je geen symptomen van hypoglycemie ondanks een lage bloedsuikerspiegel (hypoglycemie zonder je ervan bewust te zijn), dan ben je toch niet in staat om te rijden. Ook al denk je zelf dat je perfect kunt autorijden met een bloedsuikerspiegel van 2,5 mmol/l, uw reactiesnelheid is onvoldoende om veilig te kunnen rijden. Er werd aangetoond dat dit het geval is vanaf zo'n 2,8 mmol/l. Na een hypoglycemische periode duurt het nog een tijdje vóór je reactiesnelheid weer normaal is. Een studie waarvoor de bloedsuikerspiegel tot 2,7 mmol/l werd verlaagd, wees uit dat de reactietijd nog niet hersteld was 20 minuten nadat de bloedsuikerspiegel naar zijn normale niveau was teruggekeerd.
Deze informatie is gebaseerd op het interessante boek van dr. Ragnar Hanas Type 1 Diabetes in children, adolescents and young adults (Type 1 diabetes bij kinderen, tieners en jong volwassenen) dat in mensentaal uitlegt wat diabetes precies is. Klik hier om exemplaren van dr. Hanas' boek online te bestellen. (enkel beschikbaar in het Engels)










